Verhoging AOW: operatie geslaagd, patiënt overleden

Grote, complexe reorganisaties. Ze zorgen voor veel stress bij personeel, en ook bij de ondernemingsraad. Want die moet vaak snel advies uitbrengen. Hoe zorg je ervoor dat je toch grip op de zaak houdt?

Door de AOW te verhogen naar 67 jaar realiseert het kabinet misschien een kloppend huishoudboekje voor de langere termijn, maar creëert niet wat werkelijk nodig is: een hogere arbeidsparticipatie en een hogere arbeidsproductiviteit. Want crisis of niet, er breekt straks een periode van schaarste op de arbeidsmarkt aan waarin we iedereen, ook ouderen, hard nodig hebben. TNO is het Nederlands instituut voor toegepast natuur-wetenschappelijk onderzoek in Delft.

Extra hoge kosten
Volgens het TNO belemmert de verhoging van de AOW-gerechtigde leeftijd een hogere arbeidsparticipatie, als geen aanvullende maatregelen worden getroffen. Waarom? Het negatieve imago van de oudere werknemer is bekend: te duur, niet flexibel en hij leert niet snel genoeg. Als relatief dure werknemers twee jaar later met pensioen gaan betekent dit voor werkgevers twee jaar extra hoge kosten.
 
Liever kwijt dan rijk
Zij willen deze mensen dus graag kwijt. Werknemers die nu boven de 57 zijn kunnen er vaak nog uit met een gunstige afvloeiingsregeling. Maar dit geldt niet voor werknemers van 57 jaar of jonger. Hen wacht een versoberde WW van maximaal 3 jaar. Met hun slechte arbeidsmarktpositie belanden zij vanaf hun 60e in de bijstand en wie gelooft dat ze daar nog uitkomen, om vervolgens tot hun 67e door te werken?
 
Wat dan wel?
Welke aanvullende maatregelen zijn dan nodig om die oudere wel aan het werk te houden? Ten eerste: introduceer een opleidingsplicht voor (dreigende) werklozen! Ouderen leren nog prima, maar ze leren anders dan jongeren. Onderwijs moet daar rekening mee houden. Bovendien moeten opleidingen brancheoverstijgend zijn zodat werknemers gemakkelijker van de ene naar de andere sector over kunnen stappen. In de bouw is hier al veel aandacht voor.
 
Hoge WAO-percentages
Ingegeven door hoge WAO-percentages in het verleden realiseren zij tijdig scholingsvoorzieningen, zodat werknemers al vroeg gaan bijscholen voor een tweede carrière na hun 50e. Ook moet er veel betere begeleiding van werk naar werk komen. De werknemers van 30 jaar en ouder komen nu bekaaid vanaf. Tweede kans onderwijs – zeker voor laagopgeleiden – bestaat in Nederland niet. Ook dit moet intersectoraal georganiseerd worden, om de mobiliteit te vergroten.
 
Arbeidsproductiviteit stijgt niet
Naast de arbeidsparticipatie neemt ook de arbeidsproductiviteit niet toe door simpelweg de AOW-leeftijd te verhogen. Neem het leger der ‘presenteïsten’: werknemers die wel op het werk aanwezig zijn, maar die niet voluit produceren. Doordat ze niet (meer) op de juiste plek zitten bijvoorbeeld, of doordat hun werk niet effectief is georganiseerd. Uit onderzoek blijkt dat deze kostenpost tweemaal zo hoog is als die door verzuim.
 
Zorg en onderwijs
Met name de zorg, het onderwijs en de overheid zelf schreeuwen om ingrijpende procesinnovaties. Een productiviteitsboekhouding voor 2020 (we verdubbelen de productie per gewerkt uur) lijkt ons dan ook minstens zo belangrijk als het huishoudboekje van het kabinet, onder de leus: operatie geslaagd, patiënt overleden, aldus Rob Gründemann en Cees Wevers van TNO in Hoofddorp.

Lees meer over

Onderwerpen aanpassen

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.